Vremburg

Geopoeia
Jump to: navigation, search

Het koninkrijk Vremburg (Lon̥: Ruafẽh Vrem̥azipirhazi রুঠফেঁহ ভ্রেম়ষিপির্হষি; Sekipa: Ferengbu Kéngnilong ųzıө· кяıи:ðcı) is een staat ten noordwesten van Hiruki op Ārdra. Vremburg grenst in het westen aan Greybergen-Reenelme en Tjolck-Heckinghe. In het zuiden grenst Vremburg aan Westlaagte. In het noordoosten grenst het Sekipa eiland Niyö aan Vremburg. In het oosten liggen Ghal en Ohun̥sizifãh Zihumais An̥am̥ et (Westertaal: Ohunsifar a.k.a. HHA). [1]

DEZE PAGINA IS ONDER CONSTRUCTIE; PLAATSNAMEN EN NAMEN IN HET ALGEMEEN KUNNEN NOG VERANDERD WORDEN!

Vremburg
land in Hiruki en Wandao
Demonym: Vremen

Adjectief: Vremburgs / Vremens(e)

Inwoners: 513.700

Hoofdstad: Bjerg

Vlag:

Munteenheid: bloc

Geschiedenis

Referencearrow.png Hoofdartikel: Geschiedenis van Vremburg

De geschiedenis van Vremburg startte niet bij de stichting van het koninkrijk in 368NT. Tussen 180NT en 256NT wordt het huidige gebied van Vremburg gekoloniseerd door proto-Westerlingen. Al vanaf de vroege kolonisatie blijken proto-Westerlingen niet vreedzaam samen te kunnen leven naast Ghal; er vinden diverse oorlogen en blokkades plaats in de Vremburgse geschiedenis. In 368NT is een eerste grote zeeblokkade door Ghal. Tjolck-Heckinghe scheidt zich in 454NT af van Vremburg. Tussen 455NT en 485NT domineert Ghal de vaarroutes tussen de Vremburgse eilanden (Värnu), als gevolg van een desastreuse oorlog die is geïnitieerd door koning Änders.

Geografie

Referencearrow.png Hoofdartikel: Geografie van Vremburg

Vremburg is gelegen in de noordwesthoek van Hiruki. Haar grondgebied omvat de uiterste noordwesthoek van Hiruki, waarbij het grondgebied tussen de 20 en 50 kilometer landinwaarts strekt. Daarnaast zijn er zo'n 83 eilanden, deze eilanden worden ook apart aangeduidt met de naam "Värnu".

Binnen Värnu liggen twee eilanden, Oldheim en Äreland, welke gedeeld worden met respectievelijk Tjolck-Heckinghe en Ghal.

Op Esbjergen en Schönlan liggen de hoogste en steilste heuvels en bergen, hier groeit het overgrote deel van de bossen die Vremburg rijk is. Het zuidwestelijke deel van Esbjergen en de gewesten Schöndale en Gouwland, ervaren elk jaar droge periodes. Het overige deel van Vremburg heeft een klimaat waar men intensieve akkerbouw kan uitvoeren.

Klimaat

Blabla

Vremburg hanteert de (wat zij noemt) Algemeene Tijd in haar gebieden.

Milieu

Er zijn weinig rivieren op Hiruki, in Vrembrug zijn enkel beken en stroompjes te vinden. De Son is de grootste rivier in Vremburg, zij ontspringt in de heuvels rond Ruïn en stroomt bij Moerstad in zee. De Wander (Westertaal: de Blau) is een rivier die ontspringt in Westlaagte en bij Rashavn in zee stroomt. De Fjall in Esbjergen is de grootste beek van Vremburg, deze is 4 meter breed bij de monding in zee. Op slechts een paar plekken is de Fjall breed genoeg om met een bootje te bevaren, hij kan op vele plekken worden doorwaad of men kan er zelfs overheen springen. De Fjall ontspringt voorbij Skoge in de bergen en komt bij Bjerg uit in de Donnersbaai. Naast de Fjall zijn er veel beekjes te vinden die vanuit de heuvels in Esbjergen naar zee lopen. Ook in de heuvels van Oldheim, Korn-Ditte en Äreland zijn vele beekjes te vinden. Op de kleinere eilanden en op de landbouwgebieden op de grotere eilanden en Esbjergen zijn vele stroompjes te vinden die hun route in de aarde hebben uitgesleten. Poelen, vijvers en kleine watervallen zijn veelvoorkomend.

In het begin van de kolonisatie waren de binnenlanden minder goed begaanbaar en zijn daarom ook dunner bevolkt. Gaandeweg hebben de Vremen aanpassingen gemaakt in de natuur om water goed af te voeren en hebben zij goed begaanbare paden en wegen aangelegd.

Politiek

Referencearrow.png Hoofdartikel: Politiek van Vremburg

Vremburg is een koninkrijk gebaseerd op een grote gewestelijke vrijheid maar met nationale zekerheden. De koning bestuurt het koninkrijk met behulp van de westgraven. Dit zijn de graven van alle elf gewesten naast Esbjör, die de koning zelf aanstuurt. Het erfelijke koningsschap is tot nog toe verbonden aan één familie maar is niet gelimiteerd tot deze familie. Wanneer een koning naar de mening van de westgraven of het volk niet voldoet aan de eisen van het koningschap, kan deze worden afgezet en vervangen door een familielid of zelfs een lid van een geheel andere familie. Zo'n afzetting is slechts twee keer voorgekomen in de geschiedenis van Vremburg, en moet voldoen aan strikte regels.

De westgraven zijn gekozen graven van de gewesten (officieel 'graafschappen'). Zij komen vaak uit families die al meerdere graven hebben geleverd. Slechts bij zeer slechte prestaties of het uitsterven van een familie worden graven uit andere families gekozen. Zo is graaf Johan Arva III van Iërke in ... met zijn gehele familie omgekomen bij schipbreuk, waarna de Ërken Petr Toern als nieuwe graaf kozen, waarna de Toern familie alle graven en gravinnen tot nu toe heeft geleverd.

Administratieve indeling

Referencearrow.png Hoofdartikel: Administratieve indeling van Vremburg

Vremburg bestaat uit een twaalftal gewesten waarbij elk gewest over ten minste twee eilanden verantwoordelijk is, uitgezonderd Gouwland.

Plaats- en streeknamen

Gewesten van Vremburg
Gewest Hoofdstad Grootste stad Oppervlakte [km2] Bevolking (datum?) Bevolkingsdichtheid [p/km2]
Vremolen Varmel Varmel 487,52 35.500 72,82
Oldfel Oldheimby Oldheimby 795,00 48.200 60,63
Iërke Iërke Iërke 25,10 3.100 123,51
Norlande Norlund Norlund 213,60 17.100 80,06
Kornlande Ditte Ditte 457,90 34.700 75,78
Kandeläre Kände Kände 917,60 56.600 61,68
Börham Böhaer Böhaer 228,60 25.750 112,64
Därberg Leps Leps 127,00 9.000 70,87
Arnlande Ardo Ardo 264,50 23.850 90,17
Esbjör Esthaer Bjerg 3017,00 78.700 26,09
Schöndale Tompe Tompe 2194,00 54.200 24,70
Gouwland Moerstad Moerstad 2482,90 127.000 51,15

Niyö condominium

Referencearrow.png Hoofdartikel: Niyö condominium

Niyö is een eiland ten oosten van Korn-Ditte en ten noordoosten van Kandeläre. Het is een a-symmetrisch condominium tussen Vremburg en ÓTT. Niyö en haar zeegebied is een belangrijk defensief gebied tegen mogelijke invallen en rooftochten vanuit Ghal. De invloed van Vremburg in Niyö beperkt zich voornamelijk tot de economie en de verdediging.

Buitenlandse relaties

Voor de relatie met Ghal, zie Vremburg-Ghal relatie.

Vremburg handhaaft een sober buitenlands beleid, voornamelijk gericht op economische relaties. Met Tjolck-Heckinghe en Greybergen-Reenelme heeft Vremburg uitgebreide visserijverdragen en verdragen over transport in tijden van nood. Niyö is een condominium van Vremburg en ÓTT, hierbij heeft Vremburg wel economische en beperkte politieke invloed en draagt bij aan de marine van Niyö. Vremburg stelt net als ÓTT een stadhouder aan in Niyö. Deze wordt elke drie jaar herkozen binnen Vremburg (en ÓTT). Niyö heeft voor Vremburg een belangrijke positie in de stabiliteit en verdediging tegen Ghal.

Vremburg heeft een onstuimige en op spanning staande relatie met Ghal, die geregeld op scherp wordt gezet door rooftochten of schermutselingen aan de grenzen maar ook op volle zee. In het verleden heeft Vremburg oorlogen gevoerd met Ghal.

Met Westlaagte heeft Vremburg diverse handelsverdragen afgesloten. Als resultaat daarvan worden de ertsen uit het Ersba en Ersbjö gebied van Westlaagtse zijde in Vremburg verwerkt alvorens ze in (vaak) uiteindelijke producten naar Westlaagte worden verscheept. In ruil hiervoor kan Vremburg rekenen op koper en lood uit Westlaagte.

Met Ogart en Draviŋyayamqsara heeft Vremburg enkele handelsverdragen, deze zijn gecombineerd met die van Westlaagte, aangezien de transportroutes via Westlaagte lopen.

Er is een zeevaartroute tussen de oostkust van Hiruki en de noordoost-kusten van Hiruki, deze route wordt vrij gelaten door Vremburg, schepen van Ghal worden regelmatig gecontroleerd (op vrouwenhandel?). Vremburg verleent hulp aan eenieder die in haar wateren vaart.

Defensie

Referencearrow.png Hoofdartikel: Defensie van Vremburg

Defensieve activiteiten zijn per gewest ontplooid. Troepen worden gezamenlijk opgeleid en onderhouden, dezelfde kleren, wapens en protocollen wordt door het gehele leger gebruikt. Elk gewest kan zijn toegewezen middelen echter op eigen wijze toepassen. Voor rampen en nationale kwesties worden de defensieve middelen echter nationaal aangestuurd. Er is een minimale inzet vereist van elk gewest waarvoor geen toestemming hoeft worden gevraagd door de koning. In de geschiedenis is het zelden voor gekomen dat gewesten de inzet beperkten tot het wettelijke minimum.

Wegens de moeizame relatie met Ghal zijn in Kandeläre permanente troepen gestationeerd bij strategische forten en verdedigingswerken op Äreland, Aerud en Grafnar en Harnus. Ook in Esbjergen, Esöstad en Stanberg en Rieberg zijn permanente werken aanwezig. In Norlande zijn speciale boten op Kernburg en Olberg uitgerust voor defensieve activiteiten.

De Donnersbaai is tegen vijandelijke invallen en rooftochten beschermd door een reeks wachtposten langs de kust tussen Kaep Heck en Bjerg. In Esbjör, Därberg en Arnlande zijn nog diverse wachtposten te vinden, sommigen hiervan zijn nog in gebruik.

Economie

Referencearrow.png Hoofdartikel: Economie van Vremburg

De economische activiteiten van Vremburg zijn voornamelijk gebaseerd op de zeevaart. Hierbij zijn visserij en handel de voornaamste bronnen van inkomsten. Daarnaast is de verwerking en export van ijzerproducten een tweede bron van inkomsten. Bosbouw is een kleinere bron van inkomsten, wat zich voornamelijk uit in scheepsbouw en houten bouwmaterialen.

Vremburg hanteert de munt bloc. De verhouding tussen de bloc en de trupuin (e.d. Troethoein; truþuiñ̥, HHA) is 0,023736 (zoveel truipuin is 1 bloc), per 5-1-658.

Landbouw

Landbouw wordt voornamelijk bedreven om in de eigen behoeften te voorzien. De kleinere eilanden die niet voldoende eten kunnen verbouwen krijgen dit aangeleverd uit hun eigen gewest. De meest voorkomende gewassen voor de eigen consumptie zijn aardappelen, kool, maïs, bonen, bieten en fruit zoals noten, appels en peren.

In Esbjergen is landbouw voornamelijk geconcentreerd in de dalen zoals bij Dal, ten westen van Heck, tussen Ravho en Fisko, de valleien ten westen van Estyg en Esthaer en rond Fikbo. Op de Värnu worden ook de heuvels intensief gebruikt voor landbouw, waarbij voornamelijk Oldheim en het gewest Kandeläre het grootste gedeelte van de productie voorhanden nemen.

In de zuidelijke gewesten Schöndale en Gouwland wordt op grote schaal graan verbouwd, hiervan wordt een aardig deel geëxporteerd.

Visserij

Vremburg heeft een relatief grote vissersvloot die voornamelijk vanuit de Värnu opereert. De belangrijkste vissersplaatsen zijn Oldheimby en Neheimby in Oldfel, Barnhaer en Varmel in Vremolen. Böhaer in Börham, Kände en Valnes in Kandeläre, Korn en Ditte in Kornlande en Norlund in Norlande. Op het vasteland (Esbjergen; Esbjör) zijn Heck, Fisko en Valkran belangrijke vissershavens. Een groot gedeelte van de vis is voor eigen consumptie. Gerookte en gepekelde vis wordt echter voornamelijk geëxporteerd naar Westlaagte, Ogart en Draviŋyayamqsara.

De visserij vanuit Värnu beperkt zich voornamelijk tot de wateren rondom de gewesten. Visserij vanuit Vremolen strekt zich echter tot 150 kilometer westelijk, zuidwestelijk en ten zuiden van de Vremolense eilanden. In het noorden hebben de drie noordelijke gewesten, en dan voornamlijk Iërke en Norlande, uitgestrekte vistochten tot wel 250 kilometer ten noorden van de eilanden.

Bosbouw

Bosbouw wordt op de Värnu wordt voornamelijk gebruikt voor binnenlands gebruik. Het binnenland van Esbjergen bestaat vrijwel uit bossen en wouden, deze worden geëxploiteerd voor de export van hout en houtproducten. Houtproducten worden voornamelijk geproduceerd in de kustplaatsen. Bjerg heeft de grootste industrie van houten producten. Skoge en Woberg zijn centra voor de houtkap en bosbouw.

Ook in het noorden en oosten van Schöndale worden bossen geëxploiteerd voor hout en houtproducten. Belangrijke centra hier zijn Hokdal, Ruïn en Nokod. De meeste productie uit Schöndale wordt gebruikt in zuiden van dit gewest en in Gouwland. Een klein deel wordt naar Bjerg of Langstra vervoerd voor verdere bewerking. Hout van loofbomen maakt bijna de helft van de productie, tegen een veel kleiner aandeel in de rest van Esbjergen.

Houtproducten voor de export worden voornamelijk gebruikt in de productie en export van schepen. Het totaal aantal geëxporteerde schepen ligt niet hoog, maar Vremburg heeft een hoog aanzien wanneer het gaat om kwalitateit in de scheepsbouw.

Transport

Naast een grote vissersvloot heeft Vremburg een groot aantal transportschepen. Deze worden voornamelijk ingezet als transportmiddel tussen de westkust van Hiruki en Greybergen-Reenelme, Tjolck-Heckinghe, Niyö en Ohunsifar.

Ambachten

Smeden, wapenmakers, gereedschapsmakers, scheepsbouwers, smelters (erts), rokers (vis), bakkers en boogmakers zijn enkele van de ambachten die in Vremburg worden beoefend. Daarnaast vissers, houthakkers, mijnwerkers en boeren de meest voorkomende beroepen. Overige beroepen zijn o.a. handelaar, matroos, stuurman, kapitein en sjouwer.

In Schöndale en Gouwland zijn boeren en ambachtslieden zoals slagers en leerlooiers de meest voorkomende beroepen. Ook de productie en verwerking van katoen zorgt voor werkgelegenheid, in de rest van Vremburg zijn slechts enkele kleermakers te vinden in de grotere steden.

Demografie

Referencearrow.png Hoofdartikel: Demografie van Vremburg

Vremburg is gesticht door proto-Westerlingen die bij de kolonisatie via de westkust van Hiruki het land introkken en de eilanden koloniseerden. "proto-Westerlingen" is de benaming voor de kolonisten die zich vanuit de landingsplaats Diepmond aan de west- en noordwestkust hebben gevestigd. In sommige streken en landen, waaronder Vremburg, worden afstammelingen van deze groep nog steeds "Westerlingen" genoemd. Onder de term "Westerlingen" vallen dan ook, naar Vremburgse normen, de inwoners van de westelijke kuststreek van Hiruki; Vremburg, Westlaagte, Tjolck-Heckinghe en Greybergen-Reenelme. Guus: Dit is wat ik op dit moment onder "Westerlingen" versta. Edit: middels gesprek met Suryavarah is de interpretatie van "Westerlingen" veranderd, de tekst hierboven wordt z.s.m. aangepast.

In 300NT stamt 27% van de inwoners van Vremburg stamt af van de proto-Westerlingen. Anno 657NT is dit nog maar ±10%. Het grootste gedeelte van de afstammelingen van de proto-Westerlingen is voornamelijk gevestigd in het binnenland van Esbjör. Immigranten uit de laatste eeuwen wonen voornamelijk in de kustplaatsen, en ten oosten van Valkran (Esbjör). Daarnaast heeft Äreland de grootste populatie immigranten, deze zijn voornamelijk gevestigd ten oosten van de lijn Valnes-Dokby.

De gemiddelde etniciteit van de gehele groep Westerlingen is BBDS.

De bevolking van Vremburg is door de eeuwen heen relatief stabiel gehouden door geboortebeperkingen (voornamelijk op de Värnu) en oorlogen en voedseltekorten (Esbjergen, Äreland en Korn-Ditte).

Taal

De officiële taal is de Westertaal, een variant van het Westerlings, gesproken door het grootste gedeelte van de Vremen. Er zijn drie belangrijke dialecten, namelijk het Oud-Westers, gesproken in de westelijke delen van Esbjör. Het Ornaat-dialect wordt gesproken op meerdere eilanden van de gewesten Börham, Arnlande en Därberg. In Norlande, Iërke en Alhberg wordt Oërla gesproken door een groot deel van de bevolking. Een groot deel van de zeevarende bevolking is bekend met een tweede, internationaal georiënteerde taal. Onbekend op dit moment welke.

ONDERSTAANDE TABEL IS EEN VOORSTEL

Naamgeving van verschillende landsnamen in verschillende talen
Inheems Westertaal (Vremburg) Okratisch (Ogart)
Draviŋyayamqsara Dravinskaja (Dravi/Draviërs) Dravhart
Ohun̥sizifãh Zihumais An̥am̥ et Ohunsifar (Handelsraadlander/Handelsraadlanders) Hunsifart
Šri Tʼaa Wē Nä Dhu Zidranische Statenbond (Bondslander/Bondslanders) Zidrangart
Hā Hzan Steilklif (Hazaan/Hazaniërs) Hah Zan
Ptah Nä Ptachna (Ptah/Ptach) Tah Nah
Hakurɯ Hakurië (Hakuriër/Hakuriërs) Hakupart
Mgsagyivasdvara Madriskaja (Givadraviër/Givadraviërs) Sagivart
Čīn Moa Hsu Kaapland/Zinmoorhu (Zinma/Zinmae) Chin Moa Zu
Greybergen-Reenelme Greybergen-Reenelme (Greyberger/Greybergers) Greibart
Tjolck-Heckinghe Tjolck-Heckinghe (Tjolck/Tjolcken) Chol-Kekkin
Vremburg Vremburg (Vremen/Vremen) Frembart
Alghjejron Algheron (Alghier/Alghiers) Alg Jeron
Ghal Ghal (Ghal/Ghal) Ghal
Westlaagte Westlaagte (Westerling/Westerlingen) Westlart
Jonkershoek Jonkershoek (Jonker/Jonkers) Jonkart
Óridi Te'olongta Tiyera OTT/Otangi (Sekipa/Sekipae) Sekipart
Faradöhien Fatardonië (Fatardoniër/Fatardoniërs) Fatardoni

Religie

Referencearrow.png Hoofdartikel: Religie van Vremburg

Als er bij de kolonisatie van Hiruki nog een vorm van religie door de Westerlingen werd aangehangen is deze door de Vremen nu afgezworen. De Vremen hebben eerbied en respect voor de graven en de koning. Deze zijn het morele kompas van de Vremen en geven invulling aan de eeuwenoude normen en waarden. De Vremen verafschuwen godsdiensten die één enkele god aanbidden die alles zou hebben gecreëerd. Godsdienstige personen worden genegeerd of met zachte hand weggehouden. Het publiekelijk verkondigen of pogingen tot overtuigen kunnen rekenen op woedende menigtes die zonder lijfelijk geweld de betrokken personen verwijderen uit de gemeenschap.

Vreemd genoeg houden het grootste deel van de Vremen een bijgeloof in een aantal goden. Ondanks hun stoïcijnse nuchterheid worden deze goden gebruikt als placebo bij veel ambachten en activiteiten, zoals in de visserij en bosbouw.

Onderwijs

Kinderen worden al vroeg opgevangen door een raad van ouderen en onderwijzers in de gemeenschap. Van heel jonge leeftijd kunnen kinderen onderwijs krijgen, vanaf hun 12e wordt dit vaak in deeltijd doorgezet. Het grootste deel van de mensen wordt op internaten onderwezen. In Neheimby en Bjerg zijn universiteiten, voornamelijk gericht op ambachtelijke vakken. De universiteit van Bjerg heeft ook opleidingen voor buitenlandse cultuur en taal.

Kultuur

De kultuur van Vremburg is vorm gegeven door de nuchterheid van de Vremen. Handel, visserij en smederij staan hoog aangeschreven in de maatschappij. Dit heeft een aantal tradities en bijgeloven met zich meegebracht. Er zijn meerdere feestdagen per jaar die de belangrijkste seizoenen markeren. Zo is er twee maal een oogstfeest, het feest van de Bosprinses en de Oerk, een traditie rond de eerste ertslading die na de winter is gedolven.

Vremen houden wel van een feest op z'n tijd, maar hebben veel eerbied voor de gewoonten van buitenlanders en voor hoogwaardigheidsbekleders. Het zal dus niet zo zijn dat Vremen de herrieschoppers zijn in een buitenlandse haven.

In elke haven zijn marktpleinen te vinden met poppenspelen voor de kinderen. In de grotere steden en havens zijn er amphitheaters voor het verkondigen van nieuws en het vermaak en culturele onderwijzing van de Vremen.

Op de Värnu draagt men vooral grijs getinte kleding met rode accessoires. In Esbjör draagt men meer bruin met groene kleding en de mijnwerkers hebben een affiniteit met zwart, geel en groene kleuren. Op de eilanden Oldheim en Korn-Ditte draagt men vaak grijze kleding met lichtblauwe tinten. Dit is schijnbaar afkomstig van de eerste graven van de gewesten Oldfel en Kornlande, die uit dezelfde familie afkomstig waren. Deze kleurencombinatie wordt in het buitenland nog wel verward met de uniformen en banieren van het Vremburgse leger.

Cuisine

De keuken van Vremburg wordt niet geassocieerd met extravagante, uitbundige maaltijden. De Vremense maaltijden zijn stevig en voedzaam, maar kunnen toch lang duren door de grote gezelligheid. Het basisvoedsel voor een Vrem bestaat uit maïsbrood, worst, aardappels, vis en kool. Dranken zijn er in de vorm van bronwater of fruitsap. De Vremen houden van een licht type bier, afkomstig uit Westlaagte. Wijnen worden doorgaans niet gedronken, tenzij bij officiële gelegenheden als banketten.

Zie ook

(meer toe te voegen)