Sambeekse Oorlog

Geopoeia
Jump to: navigation, search
Sambeekse Oorlog
Onderdeel van Grote Oorlogen
Datum 7410-7416
Locatie Demani
Oorzaak Aggressieve Expansie Dogau
Resultaat Overwinning van Dogau en Misoonse Rijk
Verdrag Verdrag van Avalgo
Territoriale veranderingen Verdeling van Sambekistan door Dogau en Misoonse Rijk, terreinverlies voor de Drie Koninkrijken.
Strijdende partijen
Dogau Sambekistan
Leiders
Stadhouder Deläith Kalalit VIII
  • Siqepit VII



Wat door sommigen de Sambeekse Oorlog wordt genoemd, beschrijft de oorlogshandelingen tussen 7410 en 7416 tussen enerzijds Sambekistan en anderzijds Dogau en het Misoonse Rijk die leidden tot de verovering van het koninkrijk Sambekistan door de laatsten in 7416.

Situatie in Sambekistan

De situatie in Sambekistan was precair. Aan de ene kant stond de koninklijke familie en de overwegend Sambeekse adel die conservatief het land bestuurden; aan de andere kant enkele ontevreden kantongraven en een steeds mondigere burgerij (vooral Wacamakalit) die de macht van de koning en de adel graag wilden inperken ten gunste van zichzelf. Deze burgerij zag de komst van het Misoonse Rijk als middel om hun doelen te bereiken en er werden geregeld delegaties naar de Misoonse legerleiding in Thurilië gestuurd die er op probeerden aan te dringen snel de oorlog aan Sambekistan te verklaren. De Misonen wilden echter eerst Thurilië definitief onder controle hebben alvorens verder zuidwaarts te trekken en tegen 7410 was er nog geen sprake van dat een Misoonse invasie in Sambekistan op handen leek te zijn.

De Invasie

Een invasie kwam echter wel, maar uit een andere hoek: in 7410 viel Dogau Sambekistan binnen. Dogau en Sambekistan vochten al diverse decennia om de heerschappij over Uhh en Sambekistan had voor het laatst grote delen ervan buitgemaakt in 7389. Deläith, de stadhouder van Dogau besloot in 7410 dat het tijd was om het gebied te heroveren en viel Sambekistan binnen. De Sambekistaanse troepen bleken echter te sterk voor die van Dogau en Dogau leed enkele flinke verliezen, die erop leken uit te draaien dat Sambekistan zijn territorium in het westen alleen maar zou hebben weten te vergroten.

Dogau sloot daarop een alliantie met het Misoonse Rijk, dat in 7411 eerder dan gepland Sambekistan aanviel. Sambekistan wist het ondanks het feit dat het een soort drie-frontenoorlog voerde (tegen Dogau, het Misoonse Rijk en binnenlands tegen Wacamakalit die de Dogauers en Misonen op deze manier wilden ondersteunen) relatief lang uit te houden. In 7415 stierf echter koning Kalalit VIII, een briljant strateeg die op 94-jarige leeftijd nog zeer bij de pinken was; zijn opvolger Siqepit VII was echter seniel en de kans op een overwinning onder zijn leiding werd als nihil beschouwd. Een groot deel van de koninklijke familie ontvluchtte de hoofdstad en trok zich terug in een kasteel in Nisuurjt. Siqepit VII en een handjevol overige familieleden bleven achter en werden in 7416 gedwongen aanwezig te zijn bij de onderhandelingen in Avalgo over de verdeling van Sambekistan door het Misoonse Rijk en Dogau. Middels dit Verdrag van Avalgo werden de grenzen bepaald en werd er tussen de twee rijken een smalle strook van bufferstaten gecreëerd.

Onder Dogause en Misoonse heerschappij bleef het onrustig in Sambekistan: verzetsbewegingen, waaronder de geradicaliseerde religieuze Orde van Nĕĭvel, alsook plundertochten door de Neuronen (vaak in opdracht van de Sambeken, vaak ook niet) zorgden voor chaos en verwarring. De Orde van Nĕĭvel pleegde geregeld moordaanslagen op Misoonse, Dogause en Wacamakalit-prominenten, die terugsloegen door Sambeekse burgers, geestelijken en edellieden te executeren.