Asjha: 7452.2

Geopoeia
Jump to: navigation, search
Asjhakop.png
2 buutŭnd — hbŏŏri 7452
nummer 2 — najaar 7452


"Nimf van Lithe verhandeld in Atolin"

"Niŏ brooq dv Atoolj Haejjesnsĕ Lithe"
Atolin, 7 butrvadĭ 3862 – De onlangs in Lithe (Dogau) door rovers buitgemaakte relikwie De Nimf van Lithe, een ongeveer 600 jaar oud zilveren beeldje dat de nimf Myr symboliseert, zou zijn opgedoken in de Sambekistaanse havenstad Atolin, waar het voor een aanzienlijk bedrag verkocht zou zijn aan een Hirrische verzamelaar van mystieke en religieuze voorwerpen. Dat wordt beweerd door gearresteerde misdadigers, die het verhaal aan de plaatselijke ordebewaarders hebben opgehangen om voor een lagere straf in aanmerking te komen. Er wordt al enige tijd gezocht naar het beeldje, de roof van welke het leven kostte aan de priesteres van de Jechiltische tempel waar het beeldje zich bevond. Volgens sommige theorieën zou het beeldje zijn eigenaar in staat stellen jaloezie van anderen te overwinnen en dus bijvoorbeeld rijk of machtig te worden zonder afgunstige mededingers en vijanden te creëren.

Pruikenobsessierups teistert welgestelden

Qoqqatmeerrib haarăŏ moqbulli ŏwnmooiqŏdruus
Solakin, 20 butrvadĭ 3862 – Welgestelden in met name de Oostgouw van Sambekistan worden in toenemende mate geteisterd door een rupssoort die het voorzien heeft op de statusaanduidende pruiken die zij plegen te dragen. Het is onbekend waar de rupsen, die in de volksmond pruikenobsessierupsen worden genoemd, vandaan komen en hoe ze in de pruiken terecht komen, want vlinders en motten lijken zich niet anders te gedragen dan in andere jaren. De rupsen zijn zeer klein en veroorzaken bij slechts gering contact met de hoofdhuid ernstige blaren die slecht te behandelen zijn en verschrikkelijk jeuken. Heelmeesters geven meestal bevel de patiënt vast te binden, opdat hij zijn hoofd niet openkrabt. De Kantongraaf van Solakin heeft alle heelmeesters in het kanton opdracht gegeven een geneesmiddel voor deze kwaal te vinden, maar tot nu toe hadden zij geen succes.

Ex-koning Janes van Karandis onder huisarrest geplaatst

Nosi lĕnd butŏpwsĕ dv traejpŏta tăs jnŭĕsam Basals Janesăqt Kjrăăntse
Qĭqaotj / Kykawc, 11 qtojjd 3862 – Ex-koning Janes van Karandis is onder huisarrest geplaatst in zijn tijdelijke verblijf in het koninklijk slot in de hoofdstad, nadat bekend werd dat hij door onbekenden een grote som gelds zou hebben opgestreken die door betrouwbare lieden als opbrengst van de verkoop van het schilderij "Verlegen Olilywysy Met Een Bos Hout Voor De Deur" van Ukukpep Lemplãty Lyny zou zijn geïdentificeerd, hetwelk Prins Putuconyk, Prins van de Eerste Tak van Nunat en afstammeling van Zijne Majesteit de Koning en van Koning Kalalit V enkele maanden geleden aan de onlangs tot Stadhouder van Karandis benoemde Kolpertins Pets verloor. Dit werd vandaag in de hoofdstad door een heraut omgeroepen, die na het uitspreken van deze zin amechtig op adem moest komen. De koninklijke familie van Sambekistan is er op gebrand het schilderij terug te krijgen, dat generaties lang familiebezit was. Dat Janes genoegen had kunnen nemen met het schilderij in plaats van het geldelijke bedrag dat hem was aangeboden in ruil voor het opgeven van de Karandese troon, om deuren in Sambekistan te laten opengaan, is ondanks zijn goede betrekkingen met de Sambekistaanse koninklijke familie blijkbaar niet bij hem opgekomen. Koning-Stadhouder Suqolik, Prins van de Eerste Tak van Nunat en afstammeling van Koning Kalalit VII en van Koning Koning Kalalit V, is van zins Janes' abdicatievergoeding op te eisen. Gezien de vriendschappelijke verhoudingen tussen de Sambekistaanse koninklijke familie en Janes zou hiervoor het een en ander tegenover kunnen staan, maar daarop ging de heraut verder niet in.

Prinses Olilywysy huwt Ex-Koning Janes van Karandis

Qebjdĕises Leeljiis Tjsărra bujs jvaarqod q jnŭĕsam Basals Janesĕ Kjrăăntse
Qĭqaotj / Kykawc, 18 qtojjd 3862 – Een aanstaand huwelijk tussen prinses Olilywysy, Prinses van de Eerste Tak van Nunat en afstammeling van Zijne Majesteit de Koning en van Koning Kalalit V en ex-koning Janes van Karandis is op til. Dit huwelijk zal een opsteker zijn voor de 35-jarige kleindochter van koning Xalkĩ V, die vanwege haar magere uiterlijk, haar lengte (volgens ingewijden is ze langer dan 1,90 meter) en haar eigenzinnigheid tot nu toe niet aan een echtgenoot is geraakt. Prinses Olilywysy zou de tweede echtgenote zijn van Janes; zijn eerste vrouw - de moeder van de huidige Karandese koning Arenaldins - overleed reeds in 7439. Aan het hof wordt ontkend dat het huwelijk iets te maken zou hebben met de inname van Janes' abdicatievergoeding of dat het huwelijk een elegantere manier is om de voormalige vorst van Karandis aan het Sambeekse hof te binden dan huisarrest. Een datum voor het huwelijk is nog niet gepland.

Weinig kans voor Sambekistaanse kandidate om 28e Zuidelijke Ngandia te worden

Boedĕ heen bu sambeqqĭ jadeqqăse wĕ jmejs 34 Băssegăndja
Tyxolymiqyppyk, 26 qtojjd 3862 – De Kloosteroverste van het Irshanistische Klooster van de Gouden Poort in het Sparrenbos (Xuurkaa Kpou'ae Hyu / Pupĩticuxuqeklexanapukpewsãqaskokãkot), de eerwaarde moeder Fiong Bhain-gbhei , is kandidaat om de 28e Zuidelijke Ngandia te worden. Haar kandidatuur is gewaagd: de invloed van de kloosters in Sambekistan in de verkiezing is slechts gering en het feit dat het Sparrenbosklooster slechts een klooster van de tweede rang is, maakt haar kansen niet echt groter. Naar verluidt heeft ze echter al de steun van de Kloosteroverste van de Verblijfplaats van Hen die Zien met Diamanten Ogen (Nganvuetue Hyaar Hyueng Gbuur / Hoskãmocĩqilqillecekaqajtyqo), een van de twee oudste nog bestaande Irshanistische kloosters, en zijn er gezanten uitgezonden om de andere Kloosteroversten internationaal te overtuigen. Vanuit het Voorland zou steun aan Fiong zijn uitgesproken.
Fiong Bhain-gbhei werd waarschijnlijk rond 7390 geboren als Xisyla Acĩsketkeqeppo; ze is van gemengde Maxĩn-Hsue afkomst en werd al op zeer jeugdige leeftijd aan het Sparrenbosklooster toevertrouwd, nadat haar aangezicht tijdens een jachtongeluk beschadigd raakte en zij daardoor als onhuwbaar werd beschouwd. De kant van haar gezicht waar zich het litteken bevindt, is meestal door een sluier bedekt. In 7411 zwoer ze trouw aan Sziabhian, waarna haar opleiding tot kloosterling van start ging. Ze bleek al snel een zeer vlijtige en vrome studente en in 7420 vond haar inwijding plaats. Na de dood van de vorige Kloosteroverste in 7446 werd Fiong gekozen om hem op te volgen. Ze staat in het algemeen bekend als neigend naar radicaal en haar verhouding met de wereldlijke (overwegend Deukistische) machthebbers van Sambekistan is doorgaans stroef geweest.

Ergernis over rottende goederen aan Thurilische grens

Paahus baarjhem bwĕqqema hsuŏ taq hurrĭ văqjmŏs
Wojceka, 5 hoova 3863 – Er is toenemende ergernis bij Sambekistaanse en andere handelaars over het onvermogen van het Thurilische leger om de handelsroutes in noordelijke richting veilig te krijgen. Deze worden al enige tijd geteisterd door roversbendes, wat de handel ernstig belemmert en tot stapels rottende goederen in Thurilische grensplaatsen leidt. Koning-Stadhouder Suqolik, Prins van de Eerste Tak van Nunat en afstammeling van Koning Kalalit VII en van Koning Koning Kalalit V, heeft reeds gezanten naar Rothalen gestuurd ten einde de Thurilische machthebbers te manen harder op te treden, maar een deel van het probleem is, dat Thurilië momenteel geen leider heeft. De geruchten dat de Sambekistaanse prinses Oliliwysy door de Thurilische adel als een geschikte kandidaat beschouwd wordt, worden door haar verre neef de Koning-Stadhouder van harte ondersteund. Een mogelijk huwelijk met ex-koning Janes van Karandis zou echter een kink in de kabel kunnen veroorzaken.
Roversbendes zijn trouwens niet alleen in Thurilië problematisch: het zuidoosten van Sambekistan blijft eveneens prooi van wetteloze hordes die het op rijken en hooggeplaatsten voorzien hebben. Informanten van de Koning-Stadhouder zouden ontdekt hebben dat het oostelijke buurland Yoğor wellicht als thuisbasis fungeert, van waaruit operaties in Sambekistan en Thurilië worden gecoördineerd. Een officiële reactie van de Koning-Stadhouder blijft vooralsnog uit.